De rode canon
Portret van Stuuf Wiardi Beckman in oorlogstijd.
1940: De SDAP gaat ondergronds

De oorlogsjaren waren voor de SDAP een zware beproeving. De partij werd in de zomer van 1940 verboden en moest daarna ondergronds functioneren. Er zouden grote verliezen geïncasseerd worden: vele leden werden opgepakt en afgevoerd naar concentratie- of gijzelaarskampen. Maar er werd ook volop gediscussieerd over de naoorlogse toekomst van de partij.

 

Op 10 mei 1940 vielen Duitse troepen Nederland binnen. Enkele dagen daarna capituleerden de Nederlandse troepen. Dit leidde tot hevige spanningen binnen de SDAP, want het was bekend dat socialisten door de nazi’s vervolgd werden. Ondanks dat er in de jaren dertig binnen de partij herhaaldelijk gewaarschuwd was voor het opkomend fascisme, werd de SDAP overvallen door de Duitse bezetting. In allerijl werden de ledenlijsten van de partij verbrand. Sommige SDAP-leden probeerden naar Engeland te vluchten. Enkele leden pleegden zelfmoord, onder hen Bob van Gelderen en W.A. Bonger.

 
Twee maanden later werd de NSB’er M.M. Rost van Tonningen benoemd tot ‘Kommissar für die marxistischen Parteien’. Hij kreeg de leiding over het gelijkschakelen van de gehele rode familie. Het partijbestuur van de SDAP weigerde echter alle medewerking waarop Rost van Tonningen hen onthief uit hun functie. De partij was gedwongen ondergronds verder te gaan. Nevenorganisaties als de VARA en De Arbeiderspers werden gelijkgeschakeld. Het socialistische dagblad Het Volk publiceerde in ruil voor subsidie pro-Duitse propaganda.
 
De SDAP-leden stonden voor een dilemma: moest men inzetten op behoud van de organisatie of overgaan tot actief verzet? En in hoeverre moest er met de bezetter worden samengewerkt? Richtlijnen van de partijtop bleven uit. Vooraanstaande leden gaven tegenstrijdige adviezen. Zo riep oudgediende Willem Vliegen op om zo lang mogelijk te blijven werken voor de SDAP, terwijl Willem Drees juist adviseerde om te bedanken voor de partij. Anders dan de CPN en de ARP heeft het bestuur van de SDAP geen verzetsorganisatie opgezet. Na de oorlog is dit de SDAP vaak verweten.
 
Veel SDAP-leden en -prominenten werden door de Duitsers opgepakt en kwamen in gijzelaars- en concentratiekampen terecht. Tot de gegijzelde SDAP-prominenten behoorden onder anderen Willem Drees en Marinus van der Goes van Naters. Vanaf 1942 werden Nederlandse joden gedeporteerd naar concentratiekampen. Onder hen een groot aantal van de joodse SDAP-leden. Velen van hen overleefden de oorlog niet, waaronder Monne de Miranda en Alida de Jong. Ook niet-Joodse SDAP-ers kwamen om in concentratiekampen, zoals de oud-hoofdredacteur van Het Volk en partij-ideoloog Stuuf Wiardi Beckman.
 
In de oorlog spraken prominente partijleden volop over de toekomst van de SDAP. Daarbij werd voortgeborduurd op het vernieuwingsproces dat voor de oorlog was ingezet met het Plan van de Arbeid en het nieuwe beginselprogramma uit 1937. Ook in de gijzelaarskampen werd hierover gediscussieerd tussen gevangenen van diverse politieke pluimage. Bijzondere bekendheid verwierven de gesprekken van een aantal geïnterneerden uit het kamp Sint Michielsgestel, waaronder SDAP’ers als Willem Banning, Marinus van der Goes van Naters en Ko Suurhoff. Deze vernieuwers van het naoorlogse Nederland streefden naar een partijpolitieke doorbraak en maatschappelijke hervorming. Deze idealen zouden later een belangrijke motor voor de oprichting van de Partij van de Arbeid vormen.
 
Na de oorlog kwam het partijbestuur voor het eerst ‘legaal’ bijeen op 19 mei 1945. De draad weer oppakken ging echter moeizaam. De partij had in de oorlog zware verliezen geïncasseerd. Ook waren er leden die tijdens de oorlog hadden gecollaboreerd. Partijzuivering werd daarom een belangrijk agendapunt, maar er werd vooral ook vooruitgeblikt. In het najaar van 1945 zou de SDAP beginnen met de voorbereidingen voor het oprichten van een nieuwe progressieve volkspartij.
 
Auteur: Ilse Raaijmakers
 
Verder lezen:
Hans Daalder, Willem Drees 1886-1988. Gedreven en behoedzaam: De jaren 1940-1948 (Amsterdam 2003).
 
Willem Drees, Van mei tot mei. Persoonlijke herinneringen aan bezetting en verzet (Assen 1958).
 
Madelon de Keizer, De gijzelaars van Sint Michielsgestel. Een elite-beraad in oorlogstijd (Alphen aan den Rijn 1979).
 
Rein van der Leeuw, ‘De SDAP tijdens de oorlog: een impressie’, Socialisme & Democratie 52 (1995), 224-227.